"Een grote omwenteling stond niet op het programma" 
Vincent Hamelink
Chief Investment Officer, CANDRIAM

Hoe zou u het resultaat van COP26 omschrijven?

Laten we eerst eens kijken naar de belangrijkste doelstellingen die tijdens COP21, de top in Parijs in 2015, werden vastgelegd:

  • De opwarming van de aarde beperken tot ruim onder 2 °C en bij voorkeur 1,5 °C.
  • Dat streefdoel hard maken met geactualiseerde en op feiten gestoelde NDC’s (nationaal bepaalde bijdragen).
  • Jaarlijks 100 miljard dollar bijeenbrengen om ontwikkelingslanden te helpen de klimaatverandering op te vangen.
  • Een koolstofprijs en een markt voor emissierechten invoeren.

Daaraan afgemeten heeft de COP26 relatief weinig opgeleverd, maar er waren wel enkele lichtpuntjes.

Wat waren de hoogtepunten?

Fossiele energie, het onderwerp dat steevast werd doodgezwegen, is eindelijk – voor de allereerste keer ooit – in de slottekst opgenomen. Er is echter geen engagement om fossiele brandstoffen uit te faseren en louter erkennen dat het probleem bestaat zet ons niet op een traject naar 2 °C, laat staan 1,5 °C.

De belofte om de ontbossing te stoppen was een lichtpunt. Alleen ontbrak er met de afwezigheid van de Braziliaanse president een kritieke factor.

De twee landen met de grootste uitstoot van broeikasgassen, de VS en China, toonden zich bereid tot samenwerking op klimaatvlak.

Het belangrijkste nieuws van het jaar viel misschien wel vóór de top in Glasgow te rapen, met de publicatie van de langetermijnstrategie voor 2050 van de EU in juli. Dat is tot nader order de grootste nationale of internationale inspanning om doelstellingen te vertalen naar een gedetailleerd actieplan.

Waarom hadden de media het over de top van de laatste kans?

Het is algemeen geweten dat we de energietransitie moeten versnellen. We hebben niet gewoon doelen nodig, maar specifieke, gedetailleerde en regelmatig bijgewerkte plannen. De media zijn een relatief nieuwe speler bij klimaatconferenties. Jarenlang werden die hoofdzakelijk bijgewoond door ngo’s. Hun betrokkenheid blijft natuurlijk ook wel toenemen, maar de sterk toegenomen media-aandacht zorgt voor meer ruchtbaarheid in de populaire pers.

De conferentie is nu een groot media-evenement. Alleen is ze niet de plaats waar knopen worden doorgehakt – misschien is ze dat ook nooit geweest. Bij eerdere grote ‘doorbraakmomenten’, zoals Kyoto in 1997 en Parijs in 2015, begonnen de onderhandelingen lang vóór de conferentie waarop het slotakkoord werd bekendgemaakt.

En nu?

Toezeggingen van regeringen die niet meer aan de macht zullen zijn wanneer hun zelfopgelegde deadlines verstrijken, moeten worden omgezet in bindende wetgeving. Dat is voor de meeste verbintenissen die tijdens COP26 zijn aangegaan, nog niet het geval. De klimaatconferentie is in de eerste plaats het forum waar landen hun geactualiseerde, ambitieuzere, nationale decarbonisatieplannen moeten voorleggen. Weinig landen hebben dat gedaan en enkele – Australië en Rusland, bijvoorbeeld – stelden duidelijk teleur.

Elke doeltreffende klimaatactie is tot nu toe voortgevloeid uit bindende overheidsmaatregelen of marktkrachten die niets met milieuoverwegingen te maken hadden. Zo hebben de beperkingen op de CO2-uitstoot van auto’s en nationale subsidies voor elektrische voertuigen de investeringen in elektrische auto’s aangezwengeld. In de VS is door veranderingen in de energiemarkt de elektriciteitsopwekking verschoven van steenkool naar het minder CO2-intensieve aardgas.

Om een gelijk groen speelveld te creëren hebben we meer marktprikkels nodig, en het is de overheid die daarvoor moet zorgen. Dat is vooralsnog niet het geval. We hebben doortastende overheden nodig en een breed draagvlak bij de bevolking. De EU en het VK hebben de productie van auto’s op fossiele brandstoffen verboden vanaf respectievelijk 2035 en 2030, maar de VS lijken de transitie naar elektrische voertuigen over te laten aan de ‘onzichtbare hand van de markt’. Zal de bevolking de omslag maken zonder economische prikkels? De overheden moeten meer doen om de kostenstructuur van energiebronnen die veel broeikasgassen uitstoten te veranderen. Eén manier om dat te bereiken is door gebruikers de volledige milieukost van die producten te laten betalen door middel van een koolstofprijs.

Het is allemaal een kwestie van schaal. Kunnen we de juiste technologieën snel genoeg opschalen om onze economieën – in het bijzonder in de opkomende landen – verder te laten groeien en tegelijk de totale uitstoot van broeikasgassen te verminderen?

Wat betekent dat voor beleggers?

De trends en thema’s blijven dezelfde, maar worden mogelijk meer uitgesproken. Door de toegenomen betrokkenheid van de media en stijgende aandacht in populaire nieuwskanalen wordt de nadruk misschien nog wat meer op duurzaam beleggen gelegd. Het klimaat maakte ook vóór COP26 al snel opgang als factor bij beleggingen en die trend houdt wellicht aan.

Hoe langer het duurt alvorens beduidende klimaatacties worden ondernomen, hoe groter de potentiële winst op beleggingen in producten en technologieën om de klimaatverandering te beperken en op te vangen. Tegelijk vergroten de risico’s en de kans op een plotse ommekeer voor andere sectoren, zeker die waarvan de activa onbruikbaar dreigen te worden.

Bent u nu uiteindelijk optimistisch?

Ja, ik ben optimistisch gestemd, want er groeit een momentum. Dat wil echter niet zeggen dat we ons nog meer vertraging kunnen veroorloven. Elke dag is onze laatste beste kans. Wij spannen ons dagelijks in om financiering te gebruiken als instrument voor een duurzamere wereld. Ieder van ons moet ook zijn best doen om privé andere keuzes te maken.

We hebben niet het recht om alles bij het oude te laten.

In juli 2021 publiceerden de 27 EU-landen hun Langetermijnstrategie voor 2050, waarin doelstellingen, modellen en plannen zijn opgenomen om tussentijdse doelen te halen in 2030 en koolstofneutraal te zijn in 2050. Binnenkort worden die doelstellingen verdeeld over de landen. Dat biedt beleidsmakers, ngo’s, bedrijven, beleggers en alle belanghebbenden een kans om de scenario’s en aannames tegen het licht te houden en bij te dragen aan de vooruitgang.

Ons ESG-onderzoeksteam heeft de complexe documenten en modellen die eraan ten grondslag liggen doorgenomen en samengevat in een paper, Sovereign Analysis: Is the EU on Track for 2050 'Net Zero' ?.  De EU neemt op wereldniveau duidelijk het voortouw in concrete plannen en stappen om de klimaatcrisis aan te pakken. Die moeten echter worden opgevolgd en niet alleen beleggers en bedrijven, maar ook overheden en bevolkingen moeten zich achter de routekaart scharen.

En de rest van de wereld? Kijk maar naar hoe ironisch de uitstootcijfers van de VS zijn. De CO2-uitstoot en het gebruik van steenkool zijn gedaald tijdens het presidentschap van Donald Trump, de klimaatontkenner en promotor van steenkool! ... Waarom? Omdat de uitbundige groei van hydrofracturering (‘fracking’) in de VS aardgas voordeliger heeft gemaakt dan steenkool. De veel grotere uitdaging voor de VS is echter de uitstoot van auto’s en vrachtwagens. De grootste vervuiler ter wereld lijkt wel te vertrouwen op het marktsucces van de nieuwe pick-up van Ford en de SUV van Tesla.
Er zijn overal concrete routekaarten nodig om de nationale toezeggingen te onderbouwen.