Strategie T.A.V. groeilandschuld

 

Groeilandschulden leverden een negatief maandrendement op, voornamelijk door een correctie van de Amerikaanse 10-jaarsrente. De vlucht naar de veiligere rentes van de kernlanden van maart werd immers teruggedraaid, waardoor de USD versterkte. Het wereldwijde marktklimaat bleef uitdagend met diverse gebeurtenissen die de onzekerheid vergrootten. Denk aan de protectionistische maatregelen van de VS die een reactie van de belangrijkste handelspartners (de eurozone en China) opriepen, de toename van de geopolitieke/landspecifieke risico's rond het conflict in Syrië, de recente sancties tegen Rusland en de vroege Turkse verkiezingen. Bijgevolg verruimden de spreads voor de groeilanden met 9 bp (-0,4 % voor groeilandschulden in harde munt) ondanks de constructieve bijdrage van olie (+7,0 %).

De externe risico's voor de groeilanden bleven groot aan het begin van 2018, maar tot nu toe zijn de risico's omtrent de normalisatie van het Amerikaanse monetaire beleid en de fiscale verruiming gecompenseerd door het gelijkmatige herstel van de wereldwijde groei, de solide prestaties van grondstoffen en de appetijt van beleggers voor risicovolle activa. Het pleidooi voor groeilandschulden wordt verder ondersteund door de versnellende groei in die landen, de beperkte risico's omtrent China en de verbeterende fundamenten. De waarderingen van de activaklasse gaan in absolute termen nog altijd omhoog, maar blijven aantrekkelijk in vergelijking met Amerikaans krediet. De toestroom naar de activaklasse bereikte een recordhoogte in 2017, maar enkel na de teleurstellende periode van 2013-'15. We verwachten dat de solide instroom voor de activaklasse zal doorzetten in 2018.

We handhaven een overweging van schulden in harde munt en zijn constructief ten aanzien van grondstoffenexporteurs zoals Angola, Ecuador, Kazachstan, Nigeria, Petrobras (Brazilië) en Pemex (Mexico). We behouden tevens een blootstelling aan landspecifieke herwaarderingen (hoogrentend met positieve hervormingsdynamiek) zoals Argentinië, Oekraïne en Egypte. Ondanks de recente problemen in Argentinië (de val van de munt in mei) blijven we positief ten aanzien van schatkistpapier in harde munt (dat nu relatief goedkoop is), omdat de toenadering van president Macri tot het IMF voor een preventieve SBA (stand-by agreement) positief is en de externe financieringsverplichtingen voor 2018 en 2019 kan oplossen. We hebben een positie in Kenia omwille van de afname van de politieke risico's nadat de presidentskandidaat van de oppositie de resultaten van de recente presidentsverkiezingen had erkend en de risicopremie in grote mate herberekend was.

Onze onderwegingen omvatten krediet dat gevoelig is voor de evolutie van de Amerikaanse rentes en een lage waardering heeft, zoals Panama, Peru, Chili, China, Uruguay en de Filipijnen.

Overweging van lokale rentes, enkele hoger rentende lokale rentemarkten zijn nog altijd aantrekkelijk

Het thema desinflatie is einde verhaal in de lager rentende groeilanden, aangezien de minder negatieve bbp-kloven en het herstel van de energieprijzen opwaartse druk op de prijzen zouden moeten uitoefenen. Toch blijft het grote verschil van de reële rente t.o.v. de VS wellicht in het voordeel van de lokale duratie van hoger rentende landen spelen, met een matige inflatie en ruimte voor een versoepeling door de centrale bank. We zijn overwogen in de lokale duratie via overwogen posities in hoogrentende landen t.o.v. laagrentende landen.

Meer in het bijzonder blijven we overwogen in enkele hoogrentende landen die worden geholpen door hoge reële rentes en een constructieve desinflatiedynamiek (Brazilië, Rusland). In maart hebben we onze globale positie in hoogrentende groeilanden versterkt door Colombia, Mexico en Uruguay toe te voegen. We kiezen ook voor Zuid-Afrika dat profiteert van positieve verkiezingsresultaten en een inflatie die trager dan verwacht evolueert. We zijn onderwogen in de lager rentende lokale rentemarkten in Azië (Thailand en Maleisië) en centraal- en Oost-Europa (Polen, Hongarije en Roemenië).