Na een maand met enigszins teleurstellende cyclische gegevens, werd gisteren met afwachting uitgekeken naar de economische verwachtingen en het beleid voor aankoop van activa van Mario Draghi.

Wat betreft de economische verwachtingen waren de herzieningen voor groei en inflatie niet echt verrassend.

De ECB gaf enkel haar standpunt ten aanzien van een stijging van de groei in 2018 van 2,3% tot 2,4% en een stijging van de inflatie in 2019 van 1,4% tot 1,5%.

Met een kerninflatie die gisteren 1,00% bedroeg, heeft de ECB nog lang haar doelstelling van 2,00% niet behaald…. Iets wat ze zelfs in 2020 niet verwacht te zullen realiseren.

Wat het aankoopbeleid betreft, haalde Mario Draghi in zijn mededeling de paragraaf weg van een mogelijke verhoging van de balans indien nodig.

Op die manier maakt hij een einde aan een welwillende houding en bereidt hij de markt voor op de stopzetting van de Quantitative Easing in december – een eerste stap naar de uitstap.

Nu hij het laatste jaar van zijn mandaat ingaat, zette Mario Draghi dus gisteren de eerste stappen van zijn uitstapstrategie, die in 2019 zou moeten leiden tot het geleidelijk opnieuw verhogen van de depositorente.

Deze geleidelijke strategie zal bijzonder voorzichtig zijn nu het risico van protectionisme een nieuwe bedreiging vormt voor een solide herstel.