Wat is de huidige stand van zaken?

  1. Welk nieuws over de Italiaanse economie?

    De kortetermijnvooruitzichten zijn verbeterd. Het Italiaanse herstel houdt aan en de situatie op de arbeidsmarkt is gunstiger, ook al blijft de werkloosheid hoog. Dit heeft bijgedragen tot een groter consumentenvertrouwen. Recente bedrijfsenquêtes en indicatoren weerspiegelen de groei van het Italiaanse BBP, die in 2018 circa 1,5 % zou moeten bedragen.

    De meeste diepgewortelde problemen die op langere termijn spelen, werden evenwel niet aangepakt. Structurele zwakheden drukken het groeipotentieel van Italië: de productiviteitsgroei is extreem laag en de demografische situatie blijft moeilijk. Groeiende regionale ongelijkheden, een hoge jeugdwerkloosheid op lange termijn evenals een stijgend relatief armoedecijfer blijven een risicofactor voor de sociale cohesie en de groei. Bovendien, ondanks een primair overschot, is de Italiaanse overheidsschuld erg hoog en evolueert nog steeds niet naar een houdbaar niveau. 

  2. Wat zijn de meest recente politieke ontwikkelingen?

    (update – 1 juni)

    Na drie maanden van onzekerheid heeft Italië een nieuwe regering, die wordt geleid door Giuseppe Conte, een professor recht die nieuw is in de politiek. De belangrijke functie van minister van Financiën die de President ertoe had aangezet om zijn veto te stellen, gaat naar Giovanni Tria, iemand die minder controversieel is dan Paolo Savona. Hoewel de nieuwe minister van Financiën niet overweegt om uit de eurozone te stappen, blijft hij desalniettemin erg kritisch staan tegenover het economisch beleid van de EU.

    Het lijkt ons weinig waarschijnlijk dat deze regering alle maatregelen inzake belastingverlagingen en uitgavestijgingen zal toepassen die de coalitie M5S / L overeen was gekomen (verslechtering van het begrotingsevenwicht van zowat 6% van het bbp). Het risico op een confrontatie met Europa blijft echter reëel, zowel qua begrotingsuitdagingen [1] als immigratie.

    Hoewel de markten schijnbaar goed hebben gereageerd op de aangekondigde vorming van een nieuwe regering, is de politieke instabiliteit in Italië verre van verdwenen. Deze coalitie van M5S / L is een samenloop van omstandigheden en blijft fragiel. In dit klimaat zullen de markten zich in real time aanpassen aan de evolutie van de politieke situatie in Italië. Dat is een houding die gevolgen zal hebben voor de volatiliteit van de euro en de spreads van overheidsobligaties in Zuid-Europa… en ook voor het tempo waarin het monetair beleid van de ECB verstrakt wordt.

 

Hoe zit het met onze marktpositionering inzake Italiaanse activa?

Italiaanse obligaties 

Onze benadering van Italiaans schatkistpapier was en blijft voorzichtig. Onze traditioneel negatieve beoordeling van de Italiaanse schuld wordt bepaald door de zwakke economische groeidynamiek en de kwetsbare duurzaamheid van de staatsschuld.

In onze actieve fondsen zijn we onderwogen in Italiaanse obligaties versus de benchmark.

Gezien de aanhoudende eurosceptische retoriek en de mogelijke ontsporing van de begroting zijn we van mening dat de huidige risicopremie en de volatiliteit van Italiaanse obligaties waarschijnlijk hoog blijven.

Een gedeeltelijke uitvoering van het ontwerpprogramma van de MS5 en de Lega op het gebied van fiscaal beleid zou immers kunnen leiden tot een aanzienlijke toename van het begrotingstekort en van de staatsschuld. Hierdoor zou ook het risico van een verlaging van de kredietwaardigheid van Italiaans schatkistpapier tot de mogelijkheden behoren.

 

Italiaanse aandelen

Onze benadering van Italiaanse aandelen was en blijft voorzichtig. We verwachten volatiliteit en prestaties die sterk zullen afhangen van de ontwikkelingen op politiek gebied. 

Naast de politieke beroering zullen Italiaanse aandelen ook nadeel ondervinden van de hoge concentratie van drie sectoren in de index en de hoge binnenlandse blootstelling, waardoor de index sterk afhankelijk is van de economische activiteit van het land.

Financiële bedrijven, de energiesector en nutsbedrijven zijn goed voor 72 % van de MSCI Italië en voor geen van deze bedrijven zijn de kortetermijnvooruitzichten erg optimistisch. We verwachten dat de winstgroei van de financiële bedrijven en van de banken in het algemeen onder druk zal staan. Ook de energiesector zal het wellicht moeilijk krijgen als de olieprijs verder boven de 80 USD per vat stijgt.



[1] De president heeft de bevoegdheid om zijn veto uit te spreken over de begroting op grond van artikel 81 van de Italiaanse grondwet, dat het principe van begrotingsevenwicht introduceert, en op grond van artikel 97, dat stelt dat "algemene overheidsorganen in overeenstemming met de Europese wetgeving instaan voor een begrotingsevenwicht en de duurzaamheid van de overheidsschuld”.